Amber van Veen

23 jaar - VWO

14
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Amber van Veen (23 jaar)

? stemmen

Accedo

Ze zitten allemaal in een kringetje om me heen, ik wist gelijk dat dit niet was hoe ik het had gewild , maar zij willen het zo. Op een tafel achter in de kleine kamer staat een feestmaal. Met in het midden een grote schaal lasagne, omdat ik dat altijd zo lekker vond. Maar ik heb helemaal geen eetlust.
Mensen zeggen altijd dat het leven aan je voorbij flitst op het moment dat het einde nadert, ik heb eerder het gevoel dat ik naar een film zit te kijken, die zich in slow motion afspeelt. Zoals in een scene met een mooi meisje dat uit de zee komt lopen terwijl ze haar haar op een perfect nonchalante manier naar achteren gooit.
Kijk nu, mijn lieve dochter die de stilte doorbreekt met een snik, en mijn schoonzoon die zijn arm om haar heen legt. Het gebeurt allemaal heel langzaam, terwijl er constant een en het zelfde muziekje wordt gedraaid. Ik probeer me te concentreren op wat ik hoor, maar daardoor verdwijnt de muziek en komen de stemmen naar de voorgrond.
Mijn nek begint pijn te doen en dus draai ik mijn hoofd naar de andere kant. Daar zit mijn broer, ik voel nu pas dat hij mijn hand vast heeft. Ik knijp even. Met rood doorlopen ogen kijkt hij me aan met zijn kleine broertjes-blik, zijn lippen bewegen, hé daar is het muziekje weer.
Ik weet dat ik het ken, maar hoe hard ik het ook probeer ik kan niet de juiste laatjes in mijn hoofd openen om de connectie te leggen. Dat had ik wel vaker, dat ik dingen wel herkende maar dat het referentiekader weg bleef.
Nu komt er een vork naar me toe met wat tomaat en besciamella erop. Waarschijnlijk kijk ik wat verbouwereerd naar het hapje, want mijn broer opent zijn mond en doet alsof hij kauwt terwijl hij met zijn hand langs zijn wang wrijft.
In een opwelling ga ik rechtop zitten en schreeuw dat ik best weet hoe ik moet eten en dat lasagne lekker is en dat ik helemaal geen eetlust heb en ik er mesjokke van wordt dat iedereen me maar staat aan te gapen alsof ik nu nog even de speech van mijn leven ga houden.
Echter gebeurt dit alles in mijn hoofd omdat mijn lichaam niet echt meer reageert op impulsen.
Wanneer mijn hoofd is bijgekomen van de uitbarsting besluit ik dat ik maar eens iets moet gaan zeggen, dat is niet wat ik wil, maar zij willen het zo.
Dus na enkele minuten een denkfrons op mijn voorhoofd te hebben gehad en mijn keel nog eens goed geschraapt te hebben begin ik mijn redevoering over de zin van het leven –waar ik voor als nog niet achter ben, maar wat je natuurlijk niet kan laten merken op zo’n moment- en druk ik mijn dochter en haar vriend nog eens nadrukkelijk op het hart dat ze alles uit het leven moeten halen wat er in zit en nog wat meer van dat sentimentele gebabbel.
Er volgt weer een stilte.
Mijn oudste zoon die al die tijd in de deuropening is blijven staan zet enkele stappen richting het bed en zegt op een ongemakkelijke harde toon: ‘Ik ga moeder.’ En in plaats van het daarbij te houden buigt hij voorover om me vanaf een net iets te grote afstand een zoen op mijn voorhoofd te geven, waardoor hij uit evenwicht raakt en boven op het bed valt. Hij corrigeert zich snel en beent met grote passen de kamer uit, zonder achterom te kijken. Hij wilde het zo.

Een jonge arts met een lange zwarte vlecht en gympies aan komt naar me toe met een bambi glas. Ah, nu weet ik weer waar dat liedje van is! Enfin, op het glas staat de kleine bambi samen met de ondeugende stampertje. Ooit was het glas een pot Nutella, wanneer de pot op was kon je die dan afwassen en als glas gebruiken. Het glas wordt aan mijn lippen gezet. Dit is wat ik wil.

Ontwerp door Willem Verweijen