Mathijs Mol

19 jaar - VWO

0
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Mathijs Mol (19 jaar)

? stemmen

De vliegtuig reis

De vliegtuig reis

Er waren stoelen, ramen, 3 deuren, iets van 200 mensen. We hadden weinig ruimte. Ik zag wolken, de hele tijd het lawaai van motoren, slapen lukte niet. Ik staarde naar het kleine schermpje voor me. Me vader tikte me aan. Ik keek op, Beef or chicken? Beef please. Ik klapte mijn tafeltje uit. Ik vroeg me af hoe hard gaan we eigenlijk? 900km/u, 1000km/u. het zal er tussen in zitten. De vliegtuigen van tegenwoordig gaan hard, heel hard. Langzaam at ik het eten op. Het was goor, heel goor. Maar ik moest het opeten. Nog 5 uur te gaan naar de eindbestemming, Nederland, thuis. Toch nog maar even proberen te slapen.
Met een schok werd ik wakker. Ik keek om me heen. Wat was er aan de hand. Ik zag allemaal mensen met doodsbange gezichten. Zachtjes maakte ik me vader wakker. “Wat is er” vroeg ik. Niks, maar er was wat aan de hand. Dat zag ik aan zijn gezicht. Ik opende het luikje van het raam. Ik schrok me dood. Snel deed ik het luikje dicht. Voorzichtig deed ik hem weer open. Ik droom zei ik tegen me zelf, het kan niet waar zijn. De vliegtuig motor stond in de fik. Het beeld brandde op mijn netvlies. Van alles schoot er door me heen. Misschien was dit wel mijn laatste vlucht. Ik hoorde een “ploink” en de riemen moesten om. Het vliegtuig schommelde zachtjes heen en weer. Toen vielen we naar beneden. Zo voelde het eigenlijk. Ik dacht dit is mijn dood. ik keek naar mijn vader. De tranen stonden in mijn ogen. Er was een schok. We vielen niet meer. We vlogen. Ik keek uit het raam we vlogen weer. Vlak boven de grond. Er ging een golf van opluchting door me heen. Tot ik me realiseerde dat de motor nog steeds fikte. De vlam was mega groot. Ik moest verder kijken dan mijn neus lang is dacht ik. Ik zag helikopters en een straaljager. Langzaam drong het geluid van een opengaande wielkast tot me door. Ik zag allemaal weilanden. We raakten de grond met een schok. Er stonden een stuk of 20 ambulances klaar. Toen we stil stonden rende iedereen naar de deur. Snel greep ik een koffer van ons en ging in de meute mee. Ik sprong van de glijbaan die daar lag. Met een schok raakte ik de grond. Opeens begonnen er allemaal mensen aan me te trekken. Laat me los, schreeuwde ik.
Ik schoot overeind en keek om me heen. Het halve vliegtuig keek me aan. Het was een droom.

Ontwerp door Willem Verweijen