Matthijs Schonenberg

20 jaar - Vwo

19
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Matthijs Schonenberg (20 jaar)

? stemmen

Een nieuw begin?

Een nieuw begin?

‘Eindelijk’ denkt Sven. ‘Eindelijk een nieuw begin, in een nieuw dorp en in een nieuwe school’ zegt hij als hij voor het huis staat.
Een paar uur eerder.
Zijn vader was al een lange tijd blij omdat hij een huis had gevonden, maar vandaag was hij blijer dan ooit. ‘Wat is er pap?’ vroeg Sophie. ‘Ik heb net een heel mooi huis gezien op internet’ zegt haar vader. ‘Het staat boven op een heuvel aan de rand van het dorp Grimbergen. Het is een oud huis, dus we kunnen er nog lekker veel aan klussen’. ‘Boven op een heuvel?’ vroeg Sven. ‘Dus als we dan naar school gaan moeten we elke dag naar boven en naar beneden met de fiets?’ ‘Ja’ zegt zijn vader met een grijns op zijn gezicht. Sven en zijn zusje kijken erg teleurgesteld naar hun vader. ‘We vertrekken over 2 uur, dus ga maar alvast wat spullen inpakken’ ‘WAT?!’ Sven kon zijn vader wel slaan. ‘Maar daar hebben we toch helemaal niet op gerekend!’ Sven wordt rood en rent de kamer uit. Sophie blijft een tijdje naar haar vader kijken en loopt daarna rustig naar haar kamer. Hoe kon hij dit nou doen, denkt Sven. Zijn vader had gezegd dat ze pas over een paar dagen zouden verhuizen.
2 uur later.
Sven zat met een chagrijnig gezicht in de verhuiswagen. Alle spullen lagen achterin, met zijn zusje ertussen. Ze wilde perse tussen haar eigen spullen zitten zodat ze haar knuffels gezelschap kon houden. Na een tijdje hoort Sven dat zijn zusje tegen haar knuffels aan het praten is. ‘Kleuter’ zegt hij boos. ‘Toen jij 6 was deed je dat ook hoor’ zegt zijn vader. ‘Boeiend. Sophie! Hou nou eens op, ze gaan heus niks terug zeggen’. Sophie trekt zich er niks van aan en gaat gewoon door. ‘Stom kind’ zegt Sven. ‘Dan zet ik de muziek wel gewoon heel hard’. ‘Hoeft niet’ zegt zijn vader ‘We zijn er’. Ze rijden de heuvel op, maar wat Sven nu ziet, bevalt hem niet echt. Het is een oud, half gerot huis. ‘Je zei dat we er veel aan konden klussen, maar dit, dit is wel wat overdreven’. ‘Maakt niet uit. Ik heb toch een zoon die me heel veel gaat helpen’ zegt zijn vader leuk. Een tijdje later zijn Sophie en haar vader al in het huis. Sven is spullen uit de verhuiswagen aan het halen. Hij stopt even en gaat voor het huis staan. ‘Eindelijk een nieuw begin, in een nieuw dorp en in een nieuwe school’ zegt hij als hij voor het huis staat. ‘Dan hoef ik tenminste nooit meer aan vroeger te denken. Ik begin hier gewoon opnieuw’. Sven werd op zijn vorige school veel gepest. Hij heeft geen idee waarom, hij doet geen rare sport, hij gedraagt zich normaal, hij kleed zich niet raar. Maar dat ligt nu achter hem.

Een paar dagen later.
Ze wonen nu al een paar dagen in het huis. Alles gaat helemaal goed, het verbouwen gaat vlot en Sven en zijn zusje hebben allebei al nieuwe vrienden. Maar toch is er één ding wat niet helemaal klopt. Sophie zegt dat ze stemmen van de zolder hoorde komen. Sven en zijn vader zijn gaan kijken, maar er was niks. Wel zag hij op de zolder een deur waar een tafel voor was geschoven. Hij heeft er niks van gezegd, maar hij wil toch nog een keer gaan kijken wat er achter de deur zit. Die avond, terwijl iedereen al in bed ligt, wordt Sven wakker door een harde gil. Hij dacht eerst dat het zijn zusje was, maar die sliep nog gewoon. Hij hoorde even later nog een gil. Het kwam van de zolder! Hij ging kijken op zolder maar zag niks. Sven zag dit als zijn kans om achter die deur te gaan kijken. Hij liep naar de deur, tilde de tafel ervoor weg en probeerde de deur open te maken. ‘Shit’ zegt hij zacht. Sven trok te hard aan de deurklink, waardoor die is afgebroken. Hij zocht op zolder naar iets waarmee hij de deur toch open kon maken en vond een koevoet. Hij zette hem tussen de deur en ja hoor, de deur ging open. Sven loopt voorzichtig door de deur en voelt iets zacht aan de muur en onder zijn voeten. Het is foam. De kamer is geluidsdicht. ‘Waarom zou je een zolderkamertje geluidsdicht maken? Er ligt alleen maar wat speelgoed en er is maar één klein raampje’. Zonder dat Sven het merkt valt de deur langzaam achter hem dicht. Na een beetje rondkijken hoort hij de deur in het slot vallen. ‘Oh nee, dit meen je niet’. Sven voelt aan de deur, of die nog open kan, maar nee, de deur zit helemaal vast. Sven raakt in paniek en begint te roepen: ‘Help!’. Hij blijft maar roepen tot hij zich realiseert dat de kamer geluidsdicht is. ‘Leuk, zo’n nieuw begin’ zegt Sven boos. Hij besluit om te stoppen met panikeren en uit het raampje te gaan kijken. Sven zit maar een beetje nutteloos te kijken, tot hij iets in de tuin ziet bewegen. Het loopt richting de deur. Als Sven beter gaat kijken ziet hij dat het een man is. ‘Wat doet die hier nou?’ zegt Sven ‘En waarom gaat hij naar de deur?’. Sven ziet de man stilstaan voor de deur, maar dan ziet hij, tot zijn verbazing, dat de man ineens naar binnen loopt. Sven begint te roepen dat er iemand in het huis is, maar niemand hoort iets. Dan hoort Sven zijn zusje gillen en zijn vader schreeuwen. Kort daarna hoort hij twee schoten. Sven begint nog harder te gillen totdat hij iemand tegen de deur van het kamertje hoort bonken. Sven gaat tegen de muur staan. Het gebonk tegen de deur wordt steeds harder, totdat de deur ineens open gaat. De man richt een geweer op Sven. ‘Waarom?’ zegt Sven ‘Waarom ben je hier en hoe weet je van deze kamer?’. ‘Dat gaat je niks aan!’ De man gaat steeds gemener kijken en legt zijn vinger op de trekker.

Ontwerp door Willem Verweijen