Lotte Severens

20 jaar - Gymnasium

21
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Lotte Severens (20 jaar)

? stemmen

Leven onder de weg

Hallo, ik ben Nienke. Jaren geleden zat er op de A2 een gat in de weg. Ik viel erin. Sindsdien woon ik in een mysterieuze wereld die zich onder de autoweg bevindt. Niemand weet ervan, behalve de mensen die in het gat zijn gevallen. Het bevalt me hier goed, het is hier veel leuker dan in de echte wereld. Mooie watervallen en hele mooie valeien. Alleen ik ben nog steeds niet gelukkig. Onze ondergrondse wereld is in macht van de duivels. Elk moment kunnen zij weer in opstand tegen ons komen. Als je niet meewerkt wordt je vermoord en ergens in deze wereld begraven. Ik heb contact gemaakt met de echte wereld. Zij vinden het raar dat er opeens zoveel verdwijningen zijn. Ze hebben hier gegraven en vonden de lijken van de dode mensen die vermoord waren door de duivels. Dit kan zo niet langer. Er is maar één persoon die hier wat aan kan doen, en die persoon, dat ben ik!
Ik word wakker op een mooie zondagmorgen. Ik raap wat spullen bijeen en ga onderweg naar het gekke vrouwtje op de hei. Ze is een waarzegger. En ik moet echt weten wat de toekomst allemaal te bieden heeft. Ik kom aan bij haar huisje en klop aan. Ik hoor een krakerige stem: ”Wie is daar.” ”Hallo mevrouw, ik heb dringend uw hulp nodig.” ”Kom binnen mijn meisje.” De deur gaat open en alles piept en kraakt. Ik stap binnen in een stoffige kamer. Een vleermuis vliegt vlak langs mijn gezicht. Een moment van schrik. Ik kijk in de ogen van een oud, wijs vrouwtje met een tulband om. ”Zozo, waarom ben je hier zo alleen klein meisje.” ”Ik moet de ondergrondse wereld van de duivels redden, daar kan ik uw hulp wel bij gebruiken mevrouw.” Ik ga zitten op een stoel. De vrouw haalt een stoffige doek van een rare, glazen bol. Ze maakt een rare beweging met haar handen en de bol begint te gloeien van het licht. Ik wordt verblind. Uit de glazen bol hoor ik allemaal schreeuwen en ik zie angstige beelden. Onze mooie, ondergrondse wereld in grijs en grauw, dat kan toch niet? Ik weet het zeker. Hier moet ik iets aan doen! ”Mevrouw ik hoef maar een ding te weten. Waar leven die duivels?” ”Dat is een gevaarlijke tocht meisje, maar ik ben blij dat je zo moedig bent. Je loopt een eind door het bloederige bos en daarna steek je de wolvenrivier over. Dan zie je een groot kasteel dat zich schuilt achter onweer. daar is het.” Ik bedank het vrouwtje voor haar hulp en verlaat het huisje op de hei. Ik zie al wat rare, zwarte wolken opkomen. Ik moet echt opschieten. Straks ben ik te laat, dan moet ik weer terug naar die stomme, echte wereld! Ik ren gauw nog naar mijn huis en verzamel alle belangrijke levensmiddelen voor mijn tocht. Ik stop ze in een jute zak die ik over mijn schouder meedraag. Onderweg naar de onderwereld van de ondergrondse wereld.

Ik loop nu al een uur en mijn benen doen echt pijn. Ik zie in de verte wat bomen. Ik begin te rennen van geluk. Dat ik het bos ooit zou bereiken, dat had ik nooit gedacht! Het bos straalt wel veel onheil uit, maarja, ik moet erdoorheen.

Ik zet een stap in het bos en mijn laarzen worden al gelijk opgeslokt door de modder. Dit wordt nog eens een moeilijke tocht door het bos. Eenmaal wat verder in het bos zie ik rare planten. De stengels van de planten wentelen zich om mijn benen. Ik probeer me los te trekken, maar het lukt niet. Het zijn vleesetende planten! Ik herinner me dat ik in mijn tas ook een stuk vlees had gestopt. Ik reik met mijn hand in mijn tas en haal het zompige stuk vlees eruit. Ik gooi het in de bek van de vleesetende plant en gelijk laat de plant me los. Ik ren gauw en zie het maanlicht. Ik heb het bos bijna gepasseerd. Ik hoor opeens stemmen vanuit de bosjes komen. Een paar seconden later hoor ik geschreeuw achter me. Paardenvoeten stampen hard op de grond. Zwaarden worden in de lucht gestoken. Ik ren gauw het bos uit rechtstreeks naar de wolvenrivier. Ik huil van angst. Ik spring op een boomstam in de rivier. Opeens voel ik de boomstam bewegen. Het is geen boomstam, maar een weerwolf! Ik spring in het water en voel nog net dat ik in mijn enkel wordt gebeten. Ik schreeuw de pijn uit, maar ga toch verder. Ik heb mijn doel bijna bereikt. Ik stap snel op de oever en ren nog een stuk over een pad. Dan hoor ik een donder. Ik zie het kasteel met onweer vervloekt. Ik open de grote, krakerige deur van het kasteel. Levende harnassen vechten tegen mij. Van een harnas weet ik het zwaard af te pakken en ik vecht terug. Ik laat me dit laatste stukje tot mijn doel niet verslaan. Ik ren de trappen van het kasteel op. In de torenkamer zit de leiderduivel. Als ik hem doodt, gaan automatisch alle andere duivels ook dood. De ondergrondse wereld zal zich dan niet meer in grijs en grauw bekeren. Het bos en de rivier zullen verdwijnen! Ik ram met het zwaard de deur in en sta oog in oog met de vijand. Als blikken konden doden, dan had ik die duivel al gedood. Maar hem echt doden is wel een moeilijker klusje. De battle verloopt met moeite. Totdat ik in de kroonluchter slinger en zijn hoofd met grote vaart afhak.
Het is gelukt
Ik heb de ondergrondse wereld gered. Ik ren alle stukken terug naar het dorpsplein. Vanaf die dag word ik gezien als een held in de ondergrondse wereld. Een groot standbeeld van mij pronkt op het plein. Vanaf vandaag ben ik niet zomaar Nienke, maar Nienke de held!
Het bos en de rivier zijn verdwenen en de zon breekt door. Ik besef me dat ik mijn doel bereikt heb.

Ontwerp door Willem Verweijen