Nina Heilbron

22 jaar - Havo

21
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Nina Heilbron (22 jaar)

? stemmen

Mijn nieuwe vriend

De straten van Den Haag zijn druk bezocht door feestgangers die de vrijdag avond willen doorbrengen in disco’s en cafés. Overal op de donkere straat liggen bierblikjes en lege zakken chips. Iedereen die voorbij komt lacht naar me of maakt een opmerking die je net niet kan verstaan omdat ze, voordat het feest überhaupt begonnen is, al dronken zijn. Zij zijn onderweg naar misschien wel de beste avond van hun leven en ik… ik heb geen enkel idee waar deze avond mij naartoe zal brengen.
Twee uur geleden had ik nog geen enkel idee wat ik zou gaan doen vanavond. Een filmpje kijken leek me een goed plan. Maar toen ik vroeg aan mijn ouders of ik tv mocht kijken begon alle ellende. Ze wilden graag naar een serie kijken waarvan ik niet eens wist dat ze die volgden. Tot overmaat van ramp wilden ze dat ik aan mijn huiswerk zou gaan zodat zij een avondje voor zichzelf hadden. Ik was er even helemaal klaar mee. Ik rende naar boven, pakte een paar spullen in in een tas en stormde de deur uit zonder ook maar een enkel woord te zeggen.
Hier loop ik dus nu. De straten zijn ondertussen al wat rustiger geworden zodat je ook niet steeds hoeft op te letten of er niet toevallig een dronken iemand op je af komt rennen en in je tas gaat zitten graaien naar een lekker biertje. Gelukkig is het voor een April avond lekker warm dus over koude bankjes hoef ik mij geen zorgen te maken.

Ik kijk op het schermpje op mijn telefoon en zie dat het al bijna elf uur is. Mijn maag begint te knorren dus zoek ik naar een avondwinkel. Ik loop naar binnen en zoek naar een simpel broodje dat ik nog net door mijn dicht geknepen keel kan krijgen. De vrouw achter de kassa kijkt mij onderzoekend aan. “Waar ben jij zo laat nog naar onderweg liefje?” vraagt ze. Ik draai mijn hoofd weg, ze begrijpt de hint en houd haar mond.
Met een kleine steek van schuldgevoel in mijn maag loop ik naar buiten. Met het broodje kaas in mijn hand loop ik naar het dichts bijzijnde parkje. Het ziet er verlaten uit maar dat is net iets dat ik nodig heb op dit moment. Met een zucht ga ik op het houten bankje zitten en wil net aan mijn broodje beginnen als ik een paar meter verderop een zwerver op de grond zie zitten. Hij kijkt mij aan, zwaait met zijn zwart gevlekte hand en lacht zijn gele, scheef staande tanden bloot. Ik moet lachen om het plaatje en besluit naar hem toe te lopen.

Zodra ik minder dan twee meter bij hem vandaan ben veranderd zijn blije blik naar een verbaasd gezicht. Als ik naast hem op de grond neerplof, de helft van mijn broodje kaas afbreek en die aan hem geef, valt zijn mond letterlijk open van verbazing. “Goede avond mevrouw.” Zegt hij op een beleefde toon. “Wat doet u hier zo laat bij een zwerver zoals ik op de grond in een parkje?” Ik kijk hem van opzij aan en zeg: “Noemt u mij maar Silvia en ik ben van huis weggelopen.” De man kijkt me verdrietig aan en vraagt naar wat er gebeurd is. Ik vertel het hele verhaal en dat dit niet de eerste keer is dat zoiets gebeurt.
De hele tijd dat ik praatte hield hij zijn mond en heeft geluisterd. Toen ik klaar was, was het enige wat hij vroeg: “Maar waar, mijn lieve Silvia, ben jij nu naar onderweg?” Dit was wel de laatste vraag die ik van hem had verwacht en dacht terug aan de vrouw in de winkel. Ik had dezelfde reactie kunnen geven als toen, maar ik wist dat ik er niet meer onderuit kwam. Zijn vraag kwam aan als een donderslag. Waar was ik inderdaad eigenlijk naar op weg. Mijn idee was om weg te lopen van huis en niet meer terug te gaan, maar waar ik zou moeten slapen en de rest van mijn leven zou moeten door brengen had ik niet aan gedacht.

De zwerver zag mijn blik en lachte. “Ja meisje daar had je niet aan gedacht eh. Jij hoopt zoals zoveel jongeren weg te kunnen lopen van huis en dat het allemaal op z’n pootjes terecht komt, maar dat gebeurt bijna nooit.” Ik keek hem nog steeds aan en de woorden sijpelden langzaam maar zeker mijn hoofd in en vormden puzzelstukjes die in elkaar vielen. Ik begon na te denken over mijn emotie op het moment van de ruzie en mijn reactie op het hele gebeuren.
Ik werd overspoeld door een overweldigend moment en omhelsden ze zwerver. Hij schrok, maar even daarna voelde ik hem genieten van de aandacht. Ik ging staan, gaf het laatste stuk van het broodje aan hem, nam afscheid en rende naar huis.

Eenmaal thuis werd alles uitgepraat en heb ik verteld over mijn wandeling buiten. Het betreurde mij wel dat mijn ouders niet eens bezorgd waren. De volgende avond net na het eten liep ik weer naar de avondwinkel en kocht ik een hele grote mand vol met eten en drinken. De vrouw achter de balie vroeg weer waar ik heen ging en dit keer antwoordde ik: “Ik ga naar een hele goede vriend van me.”
De vrouw glimlachte en gaf me de mand met eten en drinken. Buiten snoof ik de geur van de van avondlucht in me op. Dit keer heb ik een doel en ben ik onderweg naar een nieuwe vriend. De zwerver van het parkje.

Ontwerp door Willem Verweijen