Anna Vernooij

20 jaar - vwo

0
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Anna Vernooij (20 jaar)

? stemmen

Onderweg naar huis

Ik was net klaar met mijn volleybaltraining. Het was al donker en ik ging naar huis, ik stapte op mijn fiets en ik fietste weg. Het was best donker en ik zag in de verte een klein lichtje dus ik fietste erop af. Ik kwam al snel in een soort zijstraatje. Ik was hier nog nooit geweest. Ik kwam er achter dat het lichtje een soort kleine lantaarnpaal was. Ik wilde nu echt naar huis gaan alleen omdat het zo donker was en ik bijna niks kon zien had ik geen idee welke kant ik op moest. Dus ik fietste maar ergens heen. En na tien minuten fietsen en hopen dat ik iemand tegen zou komen kwam ik uit bij een bos. Ik maakte een sprongetje van geluk, want ik dacht dat ik het bos herkende. En dan zou ik makkelijk de weg naar huis kunnen vinden. Dus ik fietste het bos in maar ik keek om me heen en bedacht me dat het misschien toch een heel ander bos is. Maar ik had geen andere keus dan gewoon rechtdoor fietsen. En opeens hoorde ik een heel zacht stemmetje. Ik luisterde goed ‘waar is Sneeuwwitje?’. Het stemmetje was zo zacht dat ik het bijna niet kon horen. Maar ik dacht dat ik de naam sneeuwwitje hoorde. ‘Nee dat is het vast niet’ zei ik tegen mezelf. Toen hoorde ik nog een stemmetje ‘ik heb geen idee waar Sneeuwwitje is’. Hoorde ik het dan toch goed, hoorde ik nou nog een keer sneeuwwitje. Mijn hard bonsde in mijn keel en ik liep rustig op het geluid af. Stap voor stap kwam ik dichter bij. En toen opeens voelde ik een hand op mijn rug ik schrok me kapot en moest eigenlijk heel hard gillen alleen ik hield het in. Ik draaide me heel snel om en keek recht in het gezicht van sneeuwwitje. Ik kon me niet meer bewegen zo bang was ik. Maar sneeuwwitje vroeg met een hele lieve stem ‘ben je verdwaald?’. ‘Ja’ zei ik. ‘Hoe heet
je?’ vroeg sneeuwwitje. Ik dacht in mij zelf na hoe dit kon, was ik nu echt aan het praten met een sprookjesfiguur… ‘Anna’ zei ik, ‘en ben jij sneeuwwitje?’ vroeg ik heel verlegen. ‘Ja ik ben sneeuwwitje’ zei ze lief, ‘kom je mee naar mijn huisje bij de zeven dwergen? Dan kan je wel bij mij slapen voor een nacht’. Ik was zo bang, moest ik dit nu wel doen vroeg ik aan mezelf? Nee nee tuurlijk niet zei ik tegen mezelf! Maar toen bedacht ik dat ik eigenlijk geen andere keus had, want ik had geen idee waar mijn eigen huis was. Dus ik zei ‘oké is goed’. Ik liep rustig achter sneeuwwitje aan op weg naar het huisje van de zeven dwergen. Ik stond nu voor het huisje en keek goed om me heen. Ik bedacht dat het eigenlijk een best klein huisje was. ‘kom maar naar binnen hoor’ zei sneeuwwitje beleefd. Dus ik stapte langzaam naar binnen. Ik kon mijn ogen niet geloven want ik zag allemaal dwergen. Ze waren allemaal wat anders aan het doen, iemand was het bed aan het opmaken de ander was de was aan het doen en nog en ander was aan het koken. Het voelde echt alsof ik in een hele andere wereld stapte. Ik liep verder achter sneeuwwitje aan op weg naar een slaapkamer. Ik liep naar binnen en zag een heel mooi opgemaakt bed en sneeuwwitje zei ‘ga maar lekker slapen, ik zeg wel tegen de dwergen dat ze wat stiller moeten zijn’. Ik ging liggen en sneeuwwitje deed het licht uit. Wauw dacht ik in mezelf dat sommige mensen zo aardig zijn. En ik dacht ook nog heel lang na over de dwergen want het is zo raar om ze in het echt gezien te hebben terwijl je altijd dacht dat ze niet echt bestonden. Maar ik ging uiteindelijk toch maar slapen. Ik werd al vroeg wakker en stapte uit mijn bed. Er kwamen allemaal dwergen aan gelopen met een dienblad vol lekkere dingen zoals: croissantjes, warme broodjes, beschuitjes, een grote cake en ook nog allemaal lekker beleg zoals jam en hagelslag. Sneeuwwitje kwam ook aanlopen ‘Ga maar lekker eten!’, zei ze vriendelijk. Ik ging aan een klein tafel zitten en at van alle dingen die er waren. Ik had nog nooit zo lekker gegeten. Maar toen ik helemaal vol zat stond ik op en ging naar sneeuwwitje. ‘Ik moet weer naar mijn eigen huis. Echt heel erg bedankt dat ik hier mocht blijven slapen en bedankt voor het eten’ zei ik zo vriendelijk mogelijk. ‘Geen dank. En als je je ooit verveelt mag je nog wel een keer langskomen’. Ik bedankte sneeuwwitje nog een keer en liep weg. Alle dwergen kwamen naar buiten om me uit te zwaaien. Ik stapte op mij fiets en fietste naar huis. De wekker gaat, ik schrik wakker en zit rechtop in mijn bed. Heb ik nou alles gedroomd?

Ontwerp door Willem Verweijen