Nina Lubbers

22 jaar - Havo

10
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Nina Lubbers (22 jaar)

? stemmen

Ongeluk

Toen ik vroeg in de morgen opstond, had ik nog geen flauw vermoeden van wat me te wachten stond. Het begon als een gewone, normale dag. Ik had geen onderbuikgevoel, en ik besteedde geen aandacht aan het feit dat ik misschien niet meer thuis zou komen.
Op school was alles gewoon zoals het hoorde. Ik had het er naar mijn zin en bleef zelfs nog even iets langer om de juffrouw te helpen met het uitvegen van het schoolbord. Achteraf vraag ik me wel eens af wat er was gebeurd als ik dat niet had gedaan.
Samen met een vriendin fietste ik vervolgens op weg naar huis. Op het punt dat mijn vriendin afsloeg, naar rechts, bleef ik nog even wachten op het moment dat ik kon oversteken. De weg die ik moest oversteken was druk, en ik zag geen kans om over te steken.
Op een gegeven moment kwam er een grote, gele vrachtwagen naast mij staan. Ik besteedde er weinig aandacht aan.
Toen de weg eindelijk leeg was en ik besloot over te steken, gebeurde alles ineens heel snel.
Op hetzelfde moment dat ik de weg overstak reed de gele vrachtwagen die naast mij stond, naar rechts.
Het was onvermijdelijk dat ik volop werd geraakt door de voorkant van de vrachtwagen. Het was heel onwerkelijk, de vrachtwagen sleurde me op de grond en ik voelde hoe er een wiel langzaam over mijn buik heen reed.
Ik besefte niet wat er gebeurde, het gebeurde allemaal zo snel, hooguit een paar seconden, maar voor mij stond de wereld even stil.
Mijn hoofd had door dat er iets mis was, ik hoorde niet hier op straat te liggen, maar ik zou nu thuis moeten zijn.
De paniek werd nog groter toen ik merkte dat er mensen om me heen stonden, en me aanstaarden.
Wat was er zojuist gebeurd?
In de verte hoorde ik het loeiende geluid van sirenes, maar ik kon het geluid niet plaatsen.
Hoe lang ik daar op straat heb gelegen weet ik niet, maar toen het loeiende geluid stopte en ik op een brancard werd gelegd wist ik dat deze hel snel over moest zijn.
De rit naar het ziekenhuis heb ik helemaal meegemaakt. Onbekende mensen dienden me allerlei injecties toe, maar ik besefte nog steeds niet wat er allemaal aan de hand was.
Het laatste moment voordat alles zwart werd, was in een soort operatiekamer waar een man me een soort mondkapje opdeed. Hij zei dat ik niet bang hoefde te zijn en dat alles goed zou komen. Ik was alleen te bang om hem te geloven.

Ontwerp door Willem Verweijen