Anouschka Martien

23 jaar - havo

0
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Anouschka Martien (23 jaar)

? stemmen

scherp

In paniek pakte ik het feestelijk uitziende zakje en gooide de inhoud leeg. Op mijn hand vielen vijf mesjes, die ik al eerder uit een scheermesje had gesloopt. Op het moment dat de stukjes ijzer mijn hand raakten voelde ik al dat ik rustiger werd. Met trillende handen pakte ik een mesje en legde de rest weg. Dit was het, dit zou echt de laatste keer zijn, de allerlaatste keer. Het mesje lag tegen mijn pols. Langzaam liet ik het naar beneden zakken. Ik drukte harder dan normaal. Even dacht ik helemaal nergens aan, een rilling van rust ging door heel mijn lichaam. Mijn ademhaling werd langzaam weer kalm, tot ik zag dat het dekbed wat normaal helder geel kleurde, grote diepe donker rode vlekken begon te krijgen. Snel keek ik naar mijn arm die inmiddels ook volledig gekleurd was in dat rood, even wist ik niet wat ik moest doen, het bloed bleef maar stomen. Onder water, dan zou het vast wat minder worden, ja dat werkte altijd wel wat. Zachtjes liep ik naar mijn slaapkamerdeur. Niemand mocht horen dat ik wakker was. Niemand mocht dit te weten komen. Het moment dat ik de deurklink vast pakte werd alles om me heen vaag en viel ik met een knal neer op de grond. Het tapijt om me heen werd langzaam rood.
Van schrik zat ik recht op in bed… een nachtmerrie. De zoveelste deze week, zo zou ik nooit genoeg slaap krijgen. Zo wordt het nog eens werkelijkheid. Met lichte angst strekte ik mijn arm uit, pakte m’n mobiel. Die had nog maar zo kort aan de oplader gelegen dat die de vijftig procent nog niet eens had bereikt. Oké drie uur, dat betekende dat ik pas een uur had geslapen, het nog een uur zou duren voor ik weer zou inslapen en dan met een beetje geluk nog drie uur kon slapen. Dat is dan al meer dan gister. Met die gedachte trok ik mijn deken weer over me heen en keek naar het witte plafond, er was geen vlekje te bekennen. Zo was het niet in mijn leven. Kon mijn gedachte maar net zo leeg zijn als dat plafond.

“Fenna wakker worden, je moet over een uur de deur uit.’’ met een ruk waren de dekens al weg van mijn lijf. “Je wilt toch niet te laat komen op de eerste schooldag?’’ Er waren nu al drie jaar voorbij gegaan op het Regius College, maar de zin om er naar toe te gaan was nog steeds ver te zoeken. Niet dat ik gepest werd, het was meer dat ik niet werd gezien alsof ik een geest was die door de gangen van de school liep. En een dag rond dwalen zou over een uur weer beginnen. ”Ben je al wakker? Ik kom je niet nog een keer wakker maken, hoor,” en de deur was al weer dicht. Het ergste van wakker worden is het idee dat de nachtmerrie dan pas begint, dat je niet weet hoe erg die nachtmerrie gaat worden. Er waren nu al vijftien minuten voorbij gegaan en ik had de kracht gewoon niet om mijn bed uit te komen, het moest nu maar. Met een zwaai lag ik naast mijn bed en maakte de kast voor me open. De meest comfy kleren lagen al voorin. Slenterend liep ik naar de spiegel. Plukken haar stonden zoals elke ochtend weer alle kanten op. Ik zag er bijna zo dood uit zoals ik me voelde. Met een bijna versleten borstel ging ik door mijn ravenzwarte haar heen. Mijn o zo bekende pluk voor m’n oog, de zwarte rand eyeliner om m’n ogen heen en ik kon de dag weer door. Zo zag ik er tenminste uit of ik iets van moeite in mezelf had gestoken, moeite die ik eigenlijk niet eens waard ben.

De eerste bel was al gegaan toen ik het plein op kwam fietsen. Als ik mijn jas ergens onder een bank zou dumpen dan zou ik vast nog op tijd in de klas zijn voor een plekje bij het raam en ja hoor, in het midden en de verwarming was ook nog eens heerlijk koud. Een minuut later kwam Tim naast me zitten, zonder wat te vragen of te zeggen schoof hij mijn tas iets opzij. Hij was druk in gesprek met zijn andere vrienden. Ze hadden vast veel te bespreken wat er de afgelopen vakantie was gebeurd. Er zat een nieuwe jongen bij, iets aan hem vond ik apart maar waar maakte ik me zorgen over. Even was het interessant om naar de jongens voor me te luisteren maar al snel ging het over de o zo grote borsten van Jacobs vriendin die hij in Italië had leren kennen en dus pakte ik mijn mobiel maar uit m’n zak. De wifi was nog net zo sloom als voor de vakantie en net toen de tumblr pagina was geladen, begon het gezeur van meneer Koenders. Nee, ook hij was na een vakantie geen fluit veranderd. Ik zou zweren dat er Nederlands op mijn rooster stond. Van de slechte dienstregeling van de NS naar hoe slecht de Duitse friet is. En die man bleef maar door ratelen. Tussen het gekakel door was ik al afgehaakt en zat ik te kijken naar een paar eenden die voor de school werden opgejaagd door een hond. Nog geen minuut later ging de bel. Gelijk liep ik naar beneden. De zo gehate versleten zomerjas lag nog op dezelfde plek onder de bank. Ik pakte hem op en sleepte hem naar mijn kluis, die nog volledig leeg was. ”Eindelijk de inhoud van die zware tas dumpen.” Slenterend liep ik naar de zwarte bankjes in de hoek daar viel ik nog niet zo erg op. Met m’n oortjes in en m’n boek op schoot verdween ik even van de wereld.

Ontwerp door Willem Verweijen