Daniëlle van der Wal

19 jaar - Havo

2
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Daniëlle van der Wal (19 jaar)

? stemmen

Terug naar een onbekend land

Terug naar een onbekend land

Ik kijk op me telefoon en zie dat het al 20.00 is. Ik ren snel naar beneden om het nieuws aan te zetten, want we hadden vanmiddag in de klas over dat er meer Allochtonen naar hun eigen land worden gestuurd. Ik kom met mijn moeder uit Pakistan, we zijn vandaar uit gevlucht, want er was oorlog. Ik zet het nieuws aan en ik zie dat de regering vanaf volgende week mensen het land uit gaat sturen. Ik hoop echt dat ik geen brief krijg. Ik ken het land niet en ik spreek de taal niet. Toen ik 3 jaar was heeft mijn vader ons op het vliegveld afgezet. Hij vocht daar in het leger en is omgekomen. Mijn zus was ook neergeschoten. Ik heb ze nooit echt gekend. De oorlog daar is nu voorbij, maar de omstandigheden zijn niet best. We hebben het er met de klas over gehad en ze zeiden dat het goed zou komen. Veel mensen zeggen dat je aan mij niet ziet dat ik buitenlands ben. Ik spreek de taal Nederlands gewoon goed. Net zo goed als een gewone Nederlander.
Oh nee!! Het is al half 9!! Ik moest vandaag vroeg op school zijn, omdat we naar de eerste en tweede kamer gaan. We zouden om kwart voor 9 verzamelen. Ik loop snel de trap af en kam me haar. Ik heb geen tijd voor ontbijt. Mama is al naar haar werk. Ik spring op de fiets en race naar school. Ik zie dat ze al de bus instappen. Ik zet me fiets neer en ben net op tijd. Ik heb er echt zin in. We komen er aan en er wordt veel uitgelegd. We gaan ook met z’n allen een discussie houden. Ik keek goed en zag de plek waar meneer Rutte zit. Ik ging er zitten en deed hem na. Het is al weer half 3 en de bus staat er weer. We gaan weer naar huis. Ik vond het echt heel leuk, want op tv ziet het er altijd zo cool uit. Ik fiets met Lotte mee naar huis en ik zeg:’’ Wat nou als ik net land uit moet?’’ Ze zegt:” Dat gebeurt echt niet, maak je nou geen zorgen en anders houden we een handtekeningen actie.’’ Ik kom thuis en zie dat me moeder heeft gehuild. Ik vraag:” Wat is er??” ze laat me een brief zien. Ik lees hem en terwijl ik lees krijg ik tranen in mijn ogen. Ik zeg:” Nee… Nee…. Mam dit is niet waar… Geloof het niet! We blijven gewoon in Nederland.” Ik omhels me moeder. Me moeder zegt:’’ Ik heb al een advocaat gebeld.” We moeten volgende week al weg.
Ik fiets de volgende dag weer naar school, maar dan niet zo blij als gisteren. Me klasgenoten weten het al. Ik kom binnen en iedereen is stil. Sommige beginnen te huilen. Dan zegt de juf:” Okee boeken weg. We gaan handtekeningen verzamelen!.” Ik probeer me nu een beetje voor te stellen dat dit misschien me laatste dagen zijn in Nederland.
Vandaag is de rechtzaak ik ben heel zenuwachtig. Ik heb de hele nacht niet geslapen. Ik zeg:” Ik heb alles bij me handtekeningen, advocaat en heel veel hoop.” Dan komt de advocaat ons ophalen en gaan we. We komen aan bij de eerste kamer waar ik ook was geweest met school. Maar nu was ik niet zo blij als toen.
Me moeder zegt:” Het komt allemaal wel goed, maak je maar geen zorgen.” Hoe kan ik me nou geen zorgen maken als ik in een vliegtuig zit naar een land waar ik de taal niet spreek en de cultuur niet ken. En daar moet ik gaan wonen.

Ontwerp door Willem Verweijen